Invuloefening LWEO Lesbrief jong en oud hoofdstuk 9 havo
Vul de ontbrekende woorden in.
Tweet
1. Bij
ruil gebruik je geen geld.
2. Bij een
garandeert de overheid dat iedereen een aanvaardbaar bestaansminimum heeft.
3. Het uitstellen of vervroegen van consumptie noemen we
ruil.
4. Als je meer betaalt aan belasting of sociale premies dan dat je hebt ontvangen aan zorg, onderwijs en uitkering. In dit geval ben je netto
.
5.
bestaan uit geld dat werkenden afdragen en de overheid vervolgens gebruikt om sociale uitkeringen en sociale voorzieningen te betalen.
6.
productie is het produceren van goederen en diensten waarbij rekening wordt gehouden met mens en milieu.
7. Goederen (of diensten) ruilen voor goederen (of diensten) noemen we ruil in
.
8. Ruilen over tijd noemen we ook wel intertemporele
.
9. Je moet volgens het
aan de overheid betalen als je gebruik maakt van goederen of diensten die de overheid levert.
10. Als je meer aan zorg, onderwijs en uitkering ontvangt dan dat je daarvoor hebt moeten betalen via belasting en premies. In dit geval ben je netto
.
Kloppen mijn antwoorden?
OK